Ronald Wolbink

Mijn motto: in gesprek!

Centraal in al mijn werk staat het in gesprek zijn. Wat ik te bieden heb is een goed gesprek zodat mijn gesprekspartner zich begrepen en gezien voelt. Een gesprek dat hem of haar een aantal nieuwe inzichten oplevert. Het is het onder woorden brengen, in een dialoog, van ervaringen, ideeën en gevoelens.

Vervolgens het onderzoeken ervan. Soms houd ik een spiegel voor, bevraag ik vanzelfsprekendheden, uit ik mijn verwondering, bied ik een metafoor aan of een uitspraak van een filosoof. Ik doe dit in de hoop dat het gesprek inspiratie biedt voor het maken van keuzes, voor het ontwikkelen van daadkracht of juist voor berusting.

Wezenlijk is dat "de persoon die twijfels heeft met betrekking tot zijn eigen eindvocabulaire, zijn eigen morele identiteit, en misschien de gezondheid van zijn verstand - het wanhopig nodig heeft om met andere mensen te praten, dit net zo dringend nodig heeft als mensen sex nodig hebben. Hij heeft het nodig omdat een gesprek hem in staat stelt met die twijfels om te gaan, zichzelf bijeen te houden, zijn web van overtuigingen en verlangens samenhangend genoeg te houden om te kunnen handelen."

Richard Rorty    

Dit gesprek kan plaats vinden in de vorm van een coachingssessie, van een filosofisch gesprek of van een training.

 Wolbink, R. (2013) Het coachvak binnenstebuiten. Amsterdam: Boom.

 

 

De opkomst van coachen wordt meestal als een vanzelfsprekendheid ervaren die past in onze tijdgeest. het lijkt niet meer weg te denken uit het dagelijks leven.

Welke plaats en functie heeft coachen binnen onze cultuur? Waarom is de reflectie over de begrippen en vooronderstellingen van het coachen zo afwezig, terwijl elke coach het belang van reflectie benadrukt? Dit leidt niet tot 'metareflectie' waarin het denken over het coachen voorwerp van reflectie wordt.

Dit boek beantwoordt deze vragen aan de hand van een kritische analyse van coaching als cultuurfilosofisch thema. Het brengt omschrijvingen van het coachen van invloedrijke auteurs en de bijbehorende kernbegrippen uit de coachingsliteratuur in kaart. Het expliciteert achterliggende morele en antropologische vooronderstellingen, waarbij het gaat om mensbeelden, begrippen, waarden en normen. Deze vooronderstellingen worden geanalyseerd met behulp van filosofische denkbeelden en geeft een aanzet voor een bijgesteld coachingsparadigma.

Download de inhoudsopgave en inleiding


 Wolbink, R.H.J. (2012). De coach, de begeleider van de laatste mens?


Coaches rukken op in onze maatschappij. In de literatuur over het coachen komen begrippen voor zoals ontwikkelen, begeleiden, zelfontplooiing, zelfsturing, autonomie en authenticiteit. Deze begrippen worden vaak als vanzelfsprekendheden geponeerd, zelden verduidelijkt en bijna nooit op een doordachte wijze gedefinieerd en onderbouwd. Het is de vraag in hoeverre deze vaagheid tot paradoxen leidt die de coachee onder het motto van zelfsturing juist tot een aanpassing verleiden in een neoliberale context. Filosofische reflectie over  het coachen, en deze Januskop ervan, ontbreekt. Mijn proefschrift is een aanzet voor het opvullen van deze lacune. Het behelst het in kaart brengen van omschrijvingen van het coachen van invloedrijke auteurs en bijbehorende kernbegrippen. Vervolgens het expliciteren en het bekritiseren van achterliggende morele en antropologische vooronderstellingen met behulp van (cultuur)filosofische denkbeelden van o.a. Nietzsche, Foucault, Sloterdijk, Rorty en Bauman.Afgesloten wordt met een schets van een bijgesteld coachingsparadigma, met aandacht voor sociologische verbeeldingskracht en een waardenvol leven, ook in de werkcontext.

Download de slotbeschouwing

Het proefschrift kost € 9 en is te bestellen via het contactformulier, onder de tab contact.